Remonstrantse Broederschap
ADREM
home
agenda
webmaster
VERSLAG ADREMDEBAT
20 februari 2004 in Utrecht
 
Het jaarlijkse adRemdebat was deze keer gewijd aan de vragen over godsdienst, christendom, kerken en vrijzinnigheid in Europa.
God, kerk, Europa

Op 20 februari kwamen ruim zeventig mensen naar Utrecht voor dit debat. Met het mislukken van de onderhandelingen over een Europese grondwet nog in het achterhoofd en de uitbreiding van de Europese Unie en Europese Verkiezingen in het vooruitzicht kon het thema actualiteit in ieder geval niet worden ontzegd.
Voormalig secretaris-generaal van de Nederlandse Hervormde Kerk Karel Blei (1), optredend als eerste spreker, noemde de trits God, kerk en Europa wonderlijk. Maar vervolgens leidde hij de aanwezigen op heldere en doorwrochte wijze in in de rol van de kerken in Europa en hun plaats in de nieuwe ontwerpgrondwet.
De Rooms-Katholieke Kerk had zich volgens Blei steeds positief over de Europese eenwording uitgesproken, maar daarbij wel benadrukt dat eenheid geworteld was in gemeenschappelijke waarden van christelijke origine.
Daarnaast waren de protestantse kerken toch vooral nationale kerken gebleven. Gesteld op eigen zelfstandigheid en niet zo snel buiten de eigen landsgrenzen kijkend. Maar die houding hekelde Blei, want Europese eenwording is een groot goed, onder meer vanwege de stabiliteit en vrede die het gebracht heeft.
Blei ging uitvoerig in op de positie van de kerken volgens de nieuwe ontwerpgrondwet. Hij meende dat de kerken een belangrijke positie krijgen in dat ontwerp en dat zij daar niet ontevreden over mogen zijn. De status van kerken wordt geaccepteerd en de Unie zal met de kerken (overigens net als met andere levensbeschouwelijke organisaties) een regelmatige dialoog voeren onder erkenning van hun identiteit. De spreker vond het gezien het karakter van de ontwerpgrondwet logisch dat noch daarin, noch in de zogenoemde preambule een verwijzing naar God is opgenomen. Immers, de grondwet is een product van en staat in de traditie van de idealen van de Verlichting. Kerken hebben tegen die Verlichtingsidealen om conservatieve redenen in het verleden vaak fel geageerd. Waarom dan nu een uitzonderingspositie claimen? Met gebruik van woorden van de gereformeerde theoloog Witvliet pleitte Blei voor een ideologisch gezien leeg midden. Vrijheid en democratie moeten niet bij voorbaat onder christelijke voortekenen worden geplaatst. Wel zouden christenen zichzelf de vraag kunnen stellen of bijvoorbeeld mensenrechten niet een consequentie zijn van het evangelie, waarin het God in Christus erom te doen is mensen in vrijheid te roepen tot verantwoordelijkheid.
Blei zag voor de kerken in de buurt van dat lege midden overigens wel taken: waar nodig vraagtekens plaatsen bij ideologische pretenties, opkomen voor slachtoffers, kortom de stemlozen stem geven in de richting van de beleidsmakers.

Scheiding kerk en staat
VVD-Europarlementariër en remonstrant mevrouw Elly Plooij-van Gorsel (2) was het in grote lijnen met Blei eens. In een persoonlijk, door eigen Europese ervaringen gekleurd betoog pleitte zij nog eens heel principieel voor een duidelijke scheiding van kerk en staat. Tevens hekelde ze de neiging bij een aantal politici om waarden en normen christelijk te annexeren, alsof (Hugo de Groot!) ieder mens niet een aangeboren besef heeft van goed en kwaad. Ook als het gaat om grondwet en preambule moet de scheiding van kerk en staat strikt gehandhaafd blijven en moet de kerken niet een soort status aparte gegeven worden in het Europese beïnvloedings- en besluitvormingsproces. Dan gaan kerken op de stoel van de politici zitten. Met name over de wijze waarop de Heilige Stoel zich in Europa met de politiek bemoeit liet Plooij zich negatief uit. Zij sprak zelfs van de Heilige Stoel als een dictatuur (vanuit het ideaal van de democratische rechtsstaat). Mevrouw Plooij waarschuwde voor de conservatieve rol die kerken en aan kerken gelieerde lobby's vaak spelen. Ook de komende uitbreiding van de Unie levert wat dat betreft gevaren op.
De later binnengekomen CDA-Europarlementariër mevrouw Maria Martens mocht tegenover dit liberaal-vrijzinnige geluid de christendemocratie vertegenwoordigen. Hoewel ook Martens niet pleitte voor een uitzonderingspositie van de kerken en de scheiding van kerk en staat accepteerde, onderstreepte zij vervolgens sterk de positieve rol die religieuze gemeenschappen kunnen spelen in samenlevingen. Geloofsgemeenschappen leveren een eigen bijdrage, mede via hun leden, aan een rechtvaardige en stabiele maatschappij. Zij zijn bij uitstek betrokken bij Europa als waardengemeenschap en de bijdrage aan die gemeenschap vanuit de joods-christelijke traditie mag best expliciet in een preambule genoemd worden.


v.l.n.r.: Maria Martens, Elly Plooij, Eimert van Herwijnen en Karel Blei

Levendig
En de zaal? Geschrokken van de conservatieve kerkelijke invloeden worstelde zij met de vraag of en op welke wijze kleine vrijzinnige kerkgenootschappen ook in Europa af en toe een eigen geluid kunnen laten horen. Van de Europarlementariërs kwam het bemoedigende antwoord dat klein niet per definitie onbelangrijk betekent. Met een specifiek geluid met kwaliteit kunnen ook kleine groeperingen wel degelijk inbreng hebben. Zeker indien (wellicht op ad hoc basis) de juiste coalities worden gesloten.
De bezoekers aan het debat waren het natuurlijk eens met een duidelijke scheiding van kerk en staat, ook op Europees niveau. Maar iets van Martens boodschap bleef toch hangen. Het leidde tot de opmerking dat de kerken dan wel niet apart behandeld behoeven te worden, maar dat zij best apart genoemd mogen worden. Moslimorganisaties wilde men daarbij overigens vooral niet vergeten.
Resteert de conclusie dat het debat levendig was, onder deskundige leiding van IARF-president Van Herwijnen, en dat het de betrokken vrijzinnigen toch weer wat dichter bij dat grote en verre Europa bracht!

Koen Holtzapffel

(1) Voor de volledige tekst van de toespraak van Karel Blei: klik hier!

(2) Voor de volledige tekst van de toespraak van Elly Plooij: klik hier!
 

naar boven


voor het laatst bijgewerkt: 19/03/2004