|
Inleidende lezing
Op de dag van de wetgeving ging Mozes naar
beneden naar het kamp van de kinderen Israëls om ze te wekken: ‘Sta
op uit je slaap, de bruidegom komt al en verlangt naar zijn bruid om haar
het bruidsvertrek binnen te leiden. Hij wacht vol verwachting om haar de
Tora te geven.’ [Rabbi Eliezer, Praag, 18e eeuw].
Bijbellezing
Kort voor zijn dood vertelt Jezus zijn leerlingen
de volgende gelijkenis:
Dan zal het met het koninkrijk van de hemel
zijn als met tien meisjes die hun olielampen hadden gepakt en erop uittrokken,
de bruidegom tegemoet.
Vijf van hen waren dwaas, de andere vijf waren
wijs.
De dwaze meisjes hadden wel hun lampen gepakt,
maar geen extra olie.
De wijze meisjes hadden behalve hun lampen
ook olie in kruiken bij zich.
Omdat de bruidegom op zich liet wachten, werden
ze allemaal slaperig en dommelden ze in.
Midden in de nacht klonk er luid geroep: “Daar
is de bruidegom! Kom, ga hem tegemoet.”
Dat wekte de meisjes en ze brachten hun olielampen
in orde.
De dwaze meisjes zeiden tegen de wijze: “Geef
ons wat van jullie olie, want onze lampen gaan al uit.”
De wijze meisjes antwoordden: “Nee, straks
is er nog te weinig voor ons en jullie samen. Zoek liever een verkoper
en koop zelf olie.”
Terwijl zij op olie uit waren, arriveerde
de bruidegom, en zij die klaarstonden gingen met hem naar binnen voor het
bruiloftsfeest, waarna de deur gesloten werd.
Enige tijd later kwamen ook de andere meisjes.
Ze riepen: “Heer, heer, laat ons binnen!”
Maar hij antwoordde: “Ik ken jullie werkelijk
niet.”
Wees dus waakzaam, want jullie weten niet
op welke dag en op welk tijdstip hij komt.
Preek
Ik weet niet hoe het met u is, maar ik vind persoonlijk,
zoals ik al zei, die zogeheten ‘wijze meisjes’ tamelijk irritant. Altijd
al gevonden.Vroeger heetten ze maagden maar daar zal niemand wakker van
liggen, denk ik. Het doet er ook niet toe. Het zijn zelfverzekerde, aan
alles denkende jonge dames die hun vriendinnen midden in de nacht koelbloedig
in de steek laten door hen een beetje olie voor hun lampen te weigeren.
Even vriendelijke schepselen als razende BMW’s op de afsluitdijk die gestrande
automobilisten met windkracht 12 aan hun lot overlaten. Dat soort mensen.
En we zouden een voorbeeld aan de dames moeten nemen? De essentie van de
boodschap van Jezus van Nazareth was toch ‘eerlijk zullen we alles delen’?
Als we straks met elkaar brood en wijn gaan delen, richten wij toch de
uitnodiging tot iedereen hier aanwezig, en niet alleen tot de wijzen onder
ons? Dat zou mooi worden! Brood over!
En wat te denken van de boosaardige bruidegom
die de dwaze maagden genadeloos verbant en buiten in het donker laat staan,
voorgoed uitgestoten? Waar slaat dat op?
Als het Koninkrijk Gods gelijk is aan dit verhaal
– want het gaat hier om een gelijkenis: ‘het Koninkrijk Gods is gelijk
aan...’ – is dat Koninkrijk ‘van vrede en gerechtigheid’ dan wel zo fraai?
En moeten we er zonodig naar streven?
Er is iets vreemds aan de hand met dit nogal absurde
verhaal.
Om te beginnen, is er geen bruid in dit bruiloftsverhaal:
de jonge dames zijn alleen genodigden op het feest, zij zijn geen
bruiden.
Verder is hier van de barmhartigheid die Jezus
predikte niets meer over. De zin ‘ik ken u niet’, die de bruidegom tegen
de dwaze maagden uitspreekt, is bikkelhard. Het is namelijk de ergste uitsluitingsformule
die men tegen iemand kan zeggen. Het is een synagogale banvloek, die iemand
uit de geloofsgemeenschap verjaagt.
Maar ook de moraal van het verhaal klopt aan
geen kanten. ‘Wees waakzaam want u kent noch tijd noch uur’, zo luidt de
moraal van het verhaal. Waakzaam zijn betekent hier: niet slapen. Wakker
blijven. Maar BEIDE groepen meisjes waren in slaap gevallen, geen een is
wakker gebleven! Ze moeten allemaal wakker geschud worden om de bruidegom
tegemoet te treden. Kan men die arme meisjes het kwalijk nemen als ze in
slaap vallen in afwachting van de slome bruidegom die hen urenlang laat
wachten?
Het verhaal rammelt zo aan alle kanten dat men
de onrust en het ongemak van de schrijver haast kan voelen. Mattheus probeert
kennelijk iets duidelijk te maken, iets dat hem en zijn tijdgenoten behoorlijk
dwars zat. Maar wat?
Het bruiloftsfeest
Ik kom net terug uit Zuid-Afrika. In een Basotho-dorp
kwamen we een bruiloft tegen. Alle mannen en de bruid waren in het wit,
alle andere vrouwen in het knalrood. Oogverblindend.
Op een gegeven moment kwam een drietal mannen
naar me toe en vroeg of ik met hen op de foto wilde. Uiteraard, zei ik.
De reden? Ze wilden aan hun familie en vrienden laten zien dat ‘the rainbow
nation’ van Mister Mandela geen droom maar realiteit is. Iedereen was welkom,
ook een blanke. En dat wilden ze thuis laten zien! Dus daar sta ik dan..,
ergens op de schoorsteen...
Bruiloften maken dergelijke gedachten bij mensen
wakker. In vele culturen betekent namelijk een bruiloft een verbond tussen
twee groepen die voorheen niet met elkaar waren gelieerd. Voortaan is men
familie van elkaar. Geweld en competitie verdwijnen, vanaf nu hoort men
samen. Een bruiloft symboliseert dus meer dan een verbintenis tussen twee
personen. Zo ook in ons verhaal.
In het Oude Israel werd het Verbond tussen God
en zijn volk gesymboliseerd door het beeld van een bruiloft. De profeet
Osea weeft zijn boek rondom het symbool van de bruiloft als beeld en gelijkenis
van het Verbond tussen God en mens.
In het evangelie van Mattheus borduurt Jezus
op datzelfde bruiloftsbeeld. Maar hij verandert het. De bruiloftszaal staat
voor het Koninkrijk Gods. De bruidegom is het gezant van God, staat voor
God. Maar de plaats van de niet vermelde bruid wordt ingenomen door alle
genodigde meisjes. Genodigden, in het Grieks, dat is Ekklesia.
Wij, alle volgelingen van Jezus, zijn de genodigden.
Met deze gelijkenis heeft Jezus een heel specifiek
doel.
Zoals zovele profeten in zijn tijd en heel wat
profeten na zijn tijd, was Jezus ervan overtuigd dat God op het punt stond
een einde te maken aan de ellende waarin de mensen leefden: oorlog, bezetting,
onrecht, onvrijheid. De maat was vol! God zou eindelijk orde op zaken stellen.
Een buitengewone troostende gedachte die regelmatig, in allerlei vormen,
de kop opsteekt. Op een dag – ja morgen! - zullen de slechten worden gestraft
en de goeden beloond. Een nieuwe tijd, een nieuwe ruimte zal uitbreken,
het Koninkrijk Gods. Als je zoiets verwacht is het dus zake je voor te
bereiden, klaar te staan voor de grote omwenteling. En deze omwenteling,die
aanstaande is, wordt aangekondigd door een gezant van God: de Messias –
de bruidegom uit ons verhaal. Dat was het rotsvaste geloof van Jezus en
van zijn volgelingen.
Maar ja, de wereld verging niet en het Koninkrijk
bleef uit... Hoe kon je dat uitleggen, aannemelijk maken? Om met Gerard
Reve te spreken:
Dat Koninkrijk van U, weet U wel
Wordt dat nog wat?
De gelijkenis van de wijzen en de dwazen maagden
is een meesterlijke poging om voor de latere generaties christenen , het
uitblijven van het Koninkrijk aanvaardbaar te maken. Bach heeft zich door
deze passage vaak laten inspireren. En in zijn muziek hoor je al, vreemd
genoeg, dat men verschillend hierover kan denken.
De bruidegom – de Messias - laat op zich wachten.
De genodigde jonge meisjes – alle volgelingen van Jezus, de Ekklesia, wij
dus – zijn het wachten moe en vallen in slaap. Allemaal. Wie zou ons dat
kwalijk kunnen nemen?
Maar dan klinkt eindelijk de stem van de wachter,
zoals Bach het zo mooi heeft verklankt: WACHET AUF
Wachet auf! Word wakker! Nu komt de bruidegom,
de lang verwachte Messias die het Koninkrijk Gods –de bruiloftszaal- open
stelt. Nu komt het er op aan, nu moet iedereen klaar staan om binnen te
gaan. Met lampen en olie om de lampen te doen branden.
Het is de christelijke traditie wonderlijk gelukt
om door dit verhaal 2000 jaar uitblijven van het Koninkrijk Gods aanvaardbaar
te maken voor de miljoenen en miljoenen christenen die daadwerkelijk geloven
dat er ooit een einde der tijden zal zijn, die de komst van het Koninkrijk
Gods zal brengen.
Het is de christelijke traditie ook gelukt om
een andere uitweg te vinden voor het wegblijven van het Koninkrijk zoals
Jezus die had aangekondigd. Paulus zinspeelt er al op: het Koninkrijk van
vrede en gerechtigheid zal niet ergens in de toekomst bij de gratie Gods
aanbreken, neen, het is er al, hier er nu, en wij zijn er verantwoordelijk
voor.
Met dit gewijzigde perspectief krijgt het wachet
auf dat we zonet hebben gehoord een andere betekenis.
Word wakker, zeker, maar niet voor een eindexamencijfer
of voor het ontvangen van je bul. Word wakker om zelf te zorgen dat deze
wereld wordt omgebogen tot een betere wereld voor allen.
In dit nieuwe perspectief is het bruiloftsfeest
VANDAAG.
Dat zijn al twee manieren om het wachet
auf te verstaan. Bach componeerde in het bekende ‘Wachet auf’ twee
melodielijnen door elkaar, alsof hij wilde zeggen dat men hier verschillend
over kan denken.
Als je het tweede perspectief voor ogen houdt
– het bruiloftsfeest is vandaag en wij zijn de genodigden - hoe klinkt
dan de gelijkenis van de wijze en de dwaze maagden?
De meisjes –wijs of dwaas – dragen allen een lamp.
De lamp is niets anders dan een object, een vorm, omhulsel van het licht.
Je zou kunnen zeggen: de lamp is de religieuze praktijk of de beschouwelijke
levenshouding die je mee gekregen hebt (bij voorbeeld van je ouderlijk
huis). Het brandt vrij lang maar op een gegeven moment dooft het uit. Het
wordt pikkedonker. Je kunt nergens heen, het pad is niet meer verlicht.
De vorm is leeg geworden. De lamp is uit.
Wat je nu nodig hebt, is inhoud: olie voor de
lamp. De olie symboliseert de inspiratie die van je leven een echt leven
maakt: het jouwe. Wat is die olie dan? Heel simpel: medemenselijkheid,
compassie, liefde, kortom datgene wat je eigen spiritualiteit uitmaakt
en wat je sinds je jeugd stukje bij beetje hebt opgebouwd. Dat kun je niet
zomaar uit een ander lamp tappen. Spiritualiteit is het resultaat van een
persoonlijke zoektocht, je kunt het niet kant en klaar kopen. Maar het
moet wel gevoed worden, nieuwe impuls krijgen, groeien. Inhoud hebben,
steeds nieuwe inhoud.
Met inhoud vind je je weg, zonder inhoud dwaal
je rond.
Wie zo dwaas is om zonder inhoud, zonder olie,
door de wereld te gaan waant zich in de werkelijkheid maar mist de essentie
van het leven. Het is dus niet de bruidegom die de dwaze meisjes uitsluit
van het bruiloft, het zijn niet de wijze meisjes die te beroerd zijn om
hun vriendinnen te helpen (hun olie is niet geschikt voor die andere lampen)
maar het zijn de dwaze meisjes zelf die zich uit het echte leven plaatsen,
die geen inhoud aan hun leven geven. Moeten ze dan buiten de bruiloftzaal
blijven. Neen, natuurlijk niet! Allen zijn genodigd. En hun gebrek aan
inhoud kan makkelijk verholpen worden. Het is genoeg zich af te wenden
van een inhoudsloze leven door liefde en compassie te betrachten. En je
lamp gaat weer aan.
Zo krijft de gelijkenis van de wijze en de dwaze
maagden een geheel andere moraal:
Wie mag te gaste zijn bij het bruiloftsfeest,
wie mag treden tot het Koninkrijk Gods? Een ieder die compassie heeft voor
de Ander en die inhoud belangrijker dan vorm vindt.
Wanneer moet de wachter ons Wachet auf
toeroepen om ons wakker te schudden? Voortdurend want tijd en uur van het
Koninkrijk zijn ons wel bekend:
Nu is de tijd om inhoudelijk vorm te geven aan
de wereld van vrede en gerechtigheid die Jezus aankondigde. NU!
Amen. |
|
|
|
|
|
|
|
|