| Homepage Breda |
![]() |
||||||||||||||||
Zondag 29 juli 2007, Breda, Grote Kerk
|
|||||||||||||||||
| Voorganger: Christiane Berkvens-Stevelinck | |||||||||||||||||
| Ik laat jullie niet als wezen
achter
Ik kom bij jullie terug... Dan zullen jullie begrijpen da ik in mijn vader ben, dat jullie in mij zijn en dat ik in jullie ben... Jezus kondigt hier een vorm van geborgenheid aan
die alle verlatenheid te boven gaat: een wederzijdse inwoning: jullie
zijn in mij en ik ben in jullie.
Ik laat jullie niet als wezen achter
Wat ik in het boeddhistische Cambodja met eigen
ogen zag, is de concrete invulling van deze woorden. Deze kinderen waren
wezen, of werden als wezen achtergelaten en toch zorgen andere mensen ervoor
dat hun wees-zijn omgezet werd in een ergens bij horen!
Ik laat jullie niet al wezen achter,
Maar we hoeven echt niet zo ver te reizen om de concreetheid van de woorden van Jezus in te zien. Mensen die, net als ik, geliefden aan de dood moesten afstaan, weten dat het waar is: de liefde IS sterker dan de dood. De afwezige geliefde kan voortleven in het hart van degene die achterblijft. Een wonderlijke, heel concrete ervaring kan dat zijn, iets om dankbaar voor te zijn. Een gewone menselijke ervaring, zoals zovele ervaringen die in de bijbel worden beschreven. Men hoeft er geen hoogdravende theologische gedachten op na te houden om te begrijpen wat Jezus hier wil zeggen. Verlatendheid wordt geborgenheid. De bijbel, en met name de psalmen die deze zomerdiensten
aan de orde zijn, beschrijven tal van menselijke ervaringen die ons zeer
nabij kunnen komen.
Psalm 62 Psalm 62 is een psalm van inkeer, waarin de STILTE
een grote rol speelt. De stilte als voorwaarde voor vertrouwen en geborgenheid.
Alleen bij God is stilte voor mijn ziel... In God vindt de dichter de rots waarop
hij kan staan, de burcht die hem kan beschermen, kortom: de redding
van alle kwaad..... KAN DAT WEL?
Dat is al heel wat want van alle kanten wordt
deze mens, de dichter van de psalm, belaagd. Men denkt dat deze psalm werd
geschreven door iemand die door vijanden vervolgd werd en die asiel kreeg
in de tempel van Jerusalem. Daar schreef hij deze psalm. Later wird de
tekst teruggevonden in de tempel en gebruikt in de diensten.
Alleen bij God
Zegt hij vervolgens: Alleen Hij is mijn rots, mijn redding, mijn
burcht
Dus niet meer Ik wankel niet al te zeer maar Ik
wankel niet!
De dichter is zo vol van zijn ontdekking dat hij deze wil delen met alle aanwezigen: Gemeente, weest altijd veilig bij hem,
Dus niet alleen voor mij, die deze ervaring
mocht beleven, zegt de dichter, maar voor ons allen.
Zo dichtte de psalmist. Hij had toen een duidelijk
beeld van God: rots, toevlucht, redding, glorie, sterkte,... een beeld
dat voor ons wellicht niet meer geldt.Na een paar duizend jaar, lijkt dat
vrij logisch! Wij denken, leven en handelen heel anders dan toen. Wij communiceren
heel anders dan toen. We kunnen elkaar onmiddelijk bereiken overal op deze
planeet (een zegen voor ouders die kinderen hebben aan de andere kant van
de wereld) maar GOD bereiken,of onszelf door God laten bereiken, dat is
erbij ingeschoten, lijkt het wel…
Leo Vroman In onze tijd, is het wederom een dichter, Leo
Vroman; die de psalmen dichter bij onze.tijd probeert te brengen. Vroman
geeft de psalmen een facelift, maar, u zult het zien, van een complete
make over is geen sprake!
Psalm 1
Systeem! Gij spitst geen oog of baard
Systeem, ik noem u dus geen God,
Systeem! Lijf dat op niets gelijkt,
Het gedicht rekent af met de traditionele godsbeelden:
Maar ook niets dat lijkt op een mens. God een menselijk aanschijn geven is de Schepping omkeren. Niet God schept de mens, maar de mens schept dan zelf zijn God naar eigen gelijkenis,met ogen, oren, handen. Alles van boven komt van beneden. zou Harry Kuitert zeggen! God als menselijke verschijning: Leo Vroman wil daar niet meer aan. God, Heer, of al de traditionerle godsnamen die zo vaak als excuus voor onderdrukking en geweld hebben gediend, verbant hij. Wat dan wel? Systeem,! Lijf dat op niets gelijkt... Wij kunnen die levenskracht noch onder woorden brengen noch in beelden vertalen. Daar is ze te groot, te onzegbaar voor. In wezen, komt dit overeen met het gebod: je zult je geen gesneden beeld van God maken. Geen gesneden beeld, geen gesneden naam. En dan: aard van ons hier en nu,
Hier en nu ervaren we die kracht. Ja: het is zelfs
de aard van ons bestaan, de kern van waaruit wij leven.
Dan zullen jullie begrijpen dat ik in mijn
vader ben,
U hoort het: twee psalmen, een evangelietekst
en een hedendaags gedicht die, op duizenden jaren van elkaar, in wezen
hetzelde zeggen: Geborgenheid is te vinden als wij ons in stilte open stellen
voor de gedachten, gevoelens en verlangens die in ons zijn.
|
|||||||||||||||||
| Terug naar de homepage van de remonstrantse gemeente Breda | |||||||||||||||||
| naar boven | |||||||||||||||||
|
voor het laatst bijgewerkt: 13/08/2007 |
|||||||||||||||||