![]() |
Remonstrantse
Gemeente |
Naar
hoofdpagina
van Gemeente Naarden-Bussum |
|||||||
| PINKSTEREN 2008
Feest van Gods geest
|
|||||||||
| INLEIDING
Een aantal van de volgende artikelen is door onze CVOS-predikanten geschreven en gaan over Pinksteren, over de achtergronden en de mogelijke betekenissen van het Pinksterfeest (Peter Korver, Harry Schram en Peter Merkestijn), over beelden voor de Geest en wat deze met ons zouden kunnen doen (Elske Bast). Dichters komen aan het woord die op hun wijze over Pinksteren spreken. Vanzelfsprekend mag in deze katern een beschouwing over (beelden voor) de gemeente niet ontbreken (Foeke Knoppers). PINKSTEREN: FEEST VAN GODS GEEST
Neerdaling van de Geest
Oorsprong
Betekenis
PINKSTEREN – DE GEEST VOLTOOIT …
Jezus wordt opgewekt, hij 'komt terug' op aarde. Nu ja, ook weer niet zo terug, maar wel op een wijze die niet bij ons en bij de aarde hoort. Terug, maar dat mag niet zo blijven, omdat op aarde nu geen plaats meer is voor Jezus. Dus wordt hij met Hemelvaart weer van de aarde 'weggeschreven'. Hij is nu weer daar waar hij als gestorven persoon hoort: in de Eenheid. Maar zo kan het verhaal niet eindigen. Wil Jezus een vervolg krijgen en niet alleen als 'voorman' van een joodse sekte, dan moet het verhaal worden 'afgemaakt'. Er was al een feest, het Wekenfeest, het tweede grote jaarlijkse feest.
Het viel op de 50e dag, 7 volle weken voor de sikkel voor het eerst in
het staande koren geslagen werd. Pinksteren, als 50e dag, was een feestdag
waarop geofferd werd. Het trok veel pelgrims naar Jeruzalem. Het pinksterverhaal
wordt in het Nieuwe Testament alleen in Handelingen beschreven, hoewel
Johannes in zijn evangelie ook over de Geest spreekt. (Joh. 20: 19 – 23)
De Hemelvaart heeft de weg geopend naar de aanwezigheid van God onder de
gelovigen. Pinksteren betekent dan ook een nieuwe fase in de ontvouwing
van Gods bedoeling. (Hand. 2: 14 – 36) Het neerdalen van de Geest werd
verbonden met het pinksterfeest als oogstfeest. Het is het feest van de
volheid, de gaven van de laatste oogst moesten aan God worden opgedragen,
gegeven. De Geest voltooit en de discipelen ervaren die voltooiing In een
geweldige windvlaag en door tongen van vuur. Hier is God aanwezig, hier
wordt God ervaren. De Geest zet voort wat Jezus gedaan heeft. De Geest
woont in de gemeente. Maar wat er precies is gebeurd, is niet te beschrijven.
Het blijft onzichtbaar. Maar men heeft het geïnterpreteerd als de
goddelijke 'ruach', wind geest van God. Daardoor ging er iets in vervulling.
Dat mensen er niets van begrepen is duidelijk. Het was de omkering van
wat er bij de
Lucas' pinksterverhaal vertelt hoe de kerk stevig geworteld is in de werking van de Heilige Geest. De discipelen die Jezus voordien zo moeilijk begrepen, hadden nu greep op wat hij bedoelde en de waarheid van zijn boodschap. De betekenis van het pinksterfeest is moeilijk te omschrijven. Misschien kunnen we zeggen, dat de Geest, die vroeger in de individuele gelovigen werkte, nu werkt in en vanuit de gemeente. Hoe werkt zij dan, zult u vragen: de eerste christengemeenten hadden
alles gemeenschappelijk; en telkens waren er, die bezittingen en have verkochten
en ze uitdeelden aan allen, die er behoefte aan hadden; en voortdurend
waren zij elke dag eendrachtig in de tempel, braken het brood aan huis
en gebruikten hun maaltijden met blijdschap en eenvoud des harten, en zij
loofden God en stonden in de gunst van het gehele volk.
PINKSTEREN – DE VONK VAN VUUR IN MIJ
Wat doen die beelden met ons? Zegt u misschien:”Daar kan ik niets mee”. Pinksteren voor ons, nu, in deze tijd. Wat zegt het ons? Je leest Handelingen 2, die eerste 13 verzen: “En zij allen werden vervuld met de Heilige Geest.” En in hun eigen moedertaal verstond een ieder daar wat er werd gezegd. Was dat herkenning van iets? Iets belangrijks? Herkenning van een manier van leven? Misschien herkenning van het leven van de rabbi uit Nazareth? Een flits als het ware: Dat is het! Of was het een wensdroom? Een utopie? Ik las weer eens een van de preken van de mysticus Eckehart. Hij schreef: “Laat God in je ziel geboren worden”. En met ziel bedoelt Eckehart de mens zoals hij/zij bedoeld is. Dé mens in de mens. De ingeschapen kracht tot menswording. De vonk van vuur in mij. Vonk en vuur, ook beelden die we lezen in het Pinksterverhaal. In een Kersttoespraak zegt Eckehart: “Wat betekent de geboorte van God
in Christus als die geboorte niet in mijzelf plaatsvindt?”
Pinksteren, beweging, wind. Ook spirit, kracht, inspiratie. Niet met alle winden meewaaien, maar mij bewust opstellend, kritisch en geëngageerd. Soms hebben we lekker de wind in de rug; vaker de wind tegen, je raakt er buiten adem van. Dichters kunnen het beter en mooier weergeven. Hier volgen twee Pinkster-gedichten.
Inspirerende Pinksterdagen gewenst!
In vuur en vlam
Maar soms zijn mensen levend dood
Wie vastgeroest en uitgedoofd
Cees Remmers De deur
Ga, doe de deur open.
Ga, doe de deur open.
Ga, doe de deur open.
PINKSTEREN - TWEE BEELDEN VOOR DE KERK
Voor de gemeente die op Pinksterzondag haar verjaardag viert worden in de bijbel vele beelden gebruikt. In dit stukje wil ik bij twee beelden stilstaan. Het ene vinden we in het evangelie naar Johannes (in Joh 15:1-8), het andere in een van de brieven van Paulus. (I Kor. 3:10-15) In Johannes 15 wordt het beeld van de wijnstok en de ranken uitgewerkt, in I Korinthiërs het beeld van het bouwen van een huis, waarvan het fundament (Christus) door de apostel is gelegd. Het ene beeld is ontleend aan de natuur, het andere aan de cultuur. In het ene draait het om ‘groeien’, in het andere om ‘bouwen’. Als je deze twee vormen van beeldspraak tegen over elkaar plaatst zou je om te beginnen kunnen zeggen dat ‘bouwen’ een inspanning is, een activiteit terwijl ‘groeien’ in ieder geval ook een passieve component heeft. Je kunt je immers niet voornemen om te gaan groeien. Groeien is meer iets dat zich voltrekt en dat doet in het verborgene. Het blijft vaak voor onze ogen verborgen. Als wij bouwen kunnen wij op zichtbare resultaten wijzen. Als het over ‘groeien’ gaat kunnen we dat niet doen. Groei leidt niet tot resultaten of successen maar tot ‘bloei’ en ‘vruchtdragen’. Het meest duidelijk komt wat mij betreft het verschil tussen ‘bouwen’ en ‘groeien’ naar voren als je kijkt naar de emoties die ermee verbonden zijn. Iets opgebouwd hebben vervult ons met trots en voldoening maar de ervaring gegroeid te zijn met dankbaarheid en vreugde. Voldoening en trots zijn in mijn beleving van kortere duur en minder intens dan dankbaarheid en vreugde. De vreugde verbindt ons met wat wij niet anders kunnen beschouwen dan als de diepste grond van het bestaan. Wie deze vreugde ten deel valt zal vrede kennen. Als er geen gemeente was geweest die had overgeleverd wat geloven is
zouden wij daar niet mee in aanraking zijn gekomen. Een ieder die dat beseft
zal zich ongetwijfeld geroepen weten zich in te spannen om de gemeente,
de
PINKSTEREN - ELKAAR VERSTAAN
In religieuze taal spreekt men van de Geest als men het ongrijpbare wil benoemen. Het is deze ervaring die we in het Pinksterverhaal terugvinden. Het gaat om enthousiaste vreemdelingen voor wie taalgrenzen verdwijnen en die elkaar zonder woorden begrijpen. Ik was eens bij een kerkdienst in het buitenland. De dienst was in een voor mij onbekende taal. Maar toch waren het juist de liederen en de manier waarop ze gezongen werden, die mij raakten en vanzelf deden meezingen. Zo begrepen we in die kerk met elkaar wat Pinksteren was. Want het woord is maar een van de middelen om elkaar te verstaan. Het is jammer dat er in het bestaan van de kerk door de eeuwen heen conflicten zijn geweest over het verstaan van de Geest. Bijvoorbeeld over de vraag of de Geest uitgaat van de Vader of van de Zoon. Men heeft geprobeerd de Geest vast te leggen in geloofsregels. Maar dit heeft alleen tot verwarring en ruzie geleid in de wereld van geloven. Dit is juist niet de opzet van Pinksteren. De Geest waait verder en leert ons verhalen schrijven, muziek componeren, gedichten schrijven en plannen maken. Het verhaal dat de evangelist Lucas hierover schrijft in het bijbelboek Handelingen, gaat over “'tongen van vuur” die zich verdelen over de mensen. Nu is het woord voor “'tong” hetzelfde als voor “'taal”'.Dus waar de tongen als van vuur zich verspreiden, wordt er taal verdeeld. De mensen horen anderen spreken in hun eigen taal. Zonder onderscheid in afkomst, cultuur, ras of religie wordt ieder in de eigen taal aangesproken. Er wordt geen uniforme wijze van spreken geëist of één manier van geloven opgelegd. Het enthousiasme laait op, wanneer blijkt dat zij elkaar begrijpen, begrip ondervinden en vrijuit kunnen spreken. Daarmee wil Lucas ons laten begrijpen, dat de geest het eigene in ons wakker maakt en iedereen aan het werk zet om het bijzondere in onszelf en in de ander te waarderen. Het aantrekkelijke van de geest van Pinksteren is, dat die zich verdeelt
over de mensen. Ieder krijgt een deeltje van de Geest, die als een lopend
vuur op de wind meekomt en ons in vuur en vlam zet. In een wereld vol van
verscheidenheid waait de Geest, geeft ieder van ons een eigen taak en
plaats en stuurt aan om iets moois te maken van het met elkaar leven. Deze
gedachte geef ik u graag mee bij het inpakken van uw rugzak voor een Pinksterwandeling.
|
|||||||||