![]() |
|||||||||
|
|
|||||||||
'Kwaliteit van de samenleving wordt bedreigd'van onze redactie kerk5 september 2006 KAMPEN - De kwaliteit van de Nederlandse samenleving wordt bedreigd: de meerderheid van de bevolking lijkt niet meer in staat te begrijpen hoe wezenlijk godsdienst voor sommige gelovigen is. De Tilburgse hoogleraar Wibren van der Burg stelde dit gisteren aan de orde bij de opening van het academische jaar van de protestantse Theologische Universiteit in Kampen. De religieuze beleving van een deel van de Nederlandse bevolking, vermoedelijk zelfs de hoofdstroom, is niet verdwenen, maar veranderd, aldus Van der Burg. De meerderheid kan zich niet meer goed verplaatsen in orthodoxe vormen van geloof. ,,Als die empathie ontbreekt, is het moeilijk om tolerantie op te brengen, laat staan respect voor afwijkende minderheden.'' Ten minste vier groepen hebben hier last van. Van der Burg somde ze op: zwartekousenkerken uit de reformatorische hoek, de rooms-katholieke hiërarchie, traditionele moslims en evangelicale christenen. De rol van godsdienst is voor de meerderheid veranderd. ,,Postmodern geloven is niet meer verbonden met vaste groepen en instituties, maar met wisselende verbanden, met lichte gemeenschappen. Protestanten gaan naar katholieke kloosters voor oefeningen in spiritualiteit en sturen hun kinderen naar de Vrije School. De greep van kerkelijke instituties op het dagelijks leven van hun leden was sinds de jaren zestig al vrijwel verdwenen, maar nu wordt ook de invloed op het geloofsleven steeds minder. Sterker nog, een groot deel van de bevolking beschouwt zichzelf wel als religieus, maar beleeft zijn geloof buiten ieder institutioneel verband'', schetste hij. Godsdienst is tot de privésfeer teruggedrongen. Bovendien domineert godsdienst ook het leven van veel gelovigen niet meer. Hun geloof is voor hen een voorkeur op de achtergrond geworden. ,,Wie zo'n beeld van godsdienst heeft, zal weinig begrijpen van meer traditionele gelovigen die op heel andere manier met hun geloof omgaan. Dat leidt tot botsingen, omdat men echt niet snapt waarom die gelovigen zo raar doen.'' Het onbegrip komt aan het licht in politieke discussies. Van der Burg sprak van incidentenpolitiek en een weinig respectvolle omgang met minderheden. ,,Een triest voorbeeld is de minister van Integratie die de confrontatie zocht toen een imam haar op religieuze gronden weigerde de hand te schudden.'' Een uitweg uit de impasse zocht de hoogleraar in het ideaal van een democratie die recht doet aan alle burgers en niet alleen aan de meerderheid. Voordat er een meederheidsbesluit genomen wordt, moet er in de samenleving ,,zoveel mogelijk open discussie'' plaatsvinden, ,,waarin alle perspectieven aan de orde komen'', stelde hij zich voor. Daar is echter religieus inlevingsvermogen voor nodig, erkende hij, en dat is er onvoldoende. Van der Burg pleitte daarom voor meer ruimte ,,voor ontmoetingen met mensen met een andere godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuiging''. Op die manier zou men over en weer gevoeligheid kunnen ontwikkelen voor anderen. Voorwaarde is volgens hem dat burgers niet gedwongen worden hun religieuze
identiteit thuis te laten; ze moeten ruimte hebben die in ontmoeting met
anderen tot uitdrukking te brengen. ,,Dat kan zijn door het dragen van
hoofddoekjes of lange rokken, maar ook door bijvoorbeeld levensbeschouwelijke
argumenten in het debat naar voren te brengen als die volgens hen relevant
zijn.''
Zie over hetzelfde onderwerp ook: Kritiek op 'beperkte blik kerken' in: Nederlands Dagblad van 5 september 2006 De volledige tekst van de rede van prof.dr.mr. Wibren van der
Burg vindt u hier.
|
|||||||||
|
|
|||||||||
| naar boven | |||||||||
| naar overzicht 'Pers' | |||||||||
|
voor het laatst bijgewerkt: 14/09/2006 |
|||||||||