EEN DUIDELIJK GESPREK OVER JEZUS 

door onze redacteur Reina Wiskerke 

11 februari 2008 

Geen stadion, zoals op de EO-jongerendag, de Remonstrantse Jongerendag werd zaterdag gehouden in een mooi, klein kerkje op een verstilde plek in Naarden-Bussum, om samen te praten over Jezus. Andries Knevel, 'gezicht van de EO', was erbij.

BUSSUM - ,,Evangelischen, gereformeerden, zware christenen hebben Jezus zo groot gemaakt dat we God niet meer zien.'' De stelling kwam in de Remonstrantse Kerk in Naarden-Bussum van een vrouw uit de zaal. Het onderwerp beroerde haar merkbaar. ,,Volgens mij ging het Jezus om God en om liefde.'' EO-presentator en theoloog Andries Knevel, samen met ds. Johan Goud uitgenodigd voor een gesprek over Jezus, zag het anders. Hij stelde dat er veel en graag over God wordt gepraat tegenwoordig. ,,'God' is 'in', maar 'God' is een containerbegrip geworden'', aldus Knevel, die het belang van Jezus Christus in het spreken over God onderstreepte met: ,,Ik wil God in het gelaat zien, zoals Hij zich geopenbaard heeft in de tijd, in Jezus Christus.'' 

Remonstranten, er zijn er ongeveer ruim vijfduizend, behoren tot de vrijzinnige vleugel van het Nederlandse protestantisme. ,,Remonstranten vormen een open kerk die alle ruimte biedt voor het ontwikkelen van persoonlijk geloof'', schrijven ze over zichzelf. Volgens de organisatoren van de Remonstrantse Jongerendag ,,claimen alle kerken dat hun visie op Jezus de ware is, terwijl remonstranten vaak voorzichtig spreken over Jezus''. Maar ze wilden ook naar zichzelf kijken: ,,Hoe waarachtig is onze claim op Jezus?'' 

Knevel stond zaterdag op de bijeenkomst van remonstrantse jongeren voor de klassiek-christelijke visie op Jezus Christus, met nadruk op de goddelijkheid van Jezus en diens kruisdood en opstanding. Daartegenover benadrukte de remonstrantse Johan Goud ,,het menselijke van Jezus'' en Jezus als ,,voorbeeld van wijsheid en moed''. 

Tegenover de ongeveer veertig belangstellenden in de kerkzaal vertelden ze, op verzoek van de organisatie, over hun persoonlijke geloofsontwikkeling. Ze konden beiden spreken van bijzondere momenten waarop er plotseling een inzicht doorbrak. Knevel had het over zijn christelijk-gereformeerde jeugd, over ongeloof en grote levensvragen, en over bijvoorbeeld zijn eerste bekering, toen hij het verlangen kreeg Jezus te dienen. 

Scepsis 
Goud verhaalde van zijn gereformeerde jeugd, van twijfel en scepsis die zich hadden opgestapeld, mede door het academische klimaat waarin hij studeerde. Somber zittend in een Amsterdams café was echter het besef doorgebroken ,,dat alle achterdocht, twijfel en scepsis niet opwegen tegen het feit dat liefde en vertrouwen fundamenteel zijn''. 

In zijn persoonlijke geloofsbelijdenis heeft hij later verwezen naar Efeziërs 3, waar gesproken wordt van Christus die door je geloof kan gaan wonen in je hart, waardoor je geworteld en gegrondvest blijft in de liefde. Als predikant moet hij elke keer in kerkdiensten uitdrukking geven aan zijn geloof, en dat helpt hem te blijven geloven. ,,Ik begrijp dan ook niet hoe je als dominee atheïstisch kunt zijn.'' 

Knevel was benieuwd naar de rol van Christus' opstanding in het geloof van remonstranten. Goud merkte op dat niemand erbij geweest is. Zelfs de vrouwen die het lege graf zagen ,,waren te laat, en dat geldt voor ons nog sterker''. Alle nadruk op het lege graf en de lichamelijke opstanding noemde Goud een obsessie, waarbij het leven van Jezus terzijde wordt geschoven. Voor Goud is het genoeg te weten dat de boodschap van liefde doorgegaan is. Hij wees op de remonstrantse belijdenis van 2006, waar staat dat 'Jezus leeft, zijn eigen dood en die van ons voorbij'. Knevel roemde de poëtische taal van deze belijdenis, met zinnen die hij graag eens zou ,,jatten'', maar de opstanding van Jezus als historisch feit, zag hij in de Bijbel naar voren komen als een essentieel gebeuren. ,,Dus u denkt dat Hij is opgestaan?'', vroeg iemand uit publiek, kennelijk met verbazing. Knevel: ,,Ja. Zo niet, dan zeg ik Paulus na, dan stop ik ermee.'' Het commentaar uit de zaal luidde: ,,Wat een verwaarlozing van het leven van Jezus.'' 

Mysterie 
De gesprekspartners combineerden duidelijkheid met vriendelijkheid en humor. Knevel bleef bij de klassiek-christelijke visie op Christus, maar noemde de verwoording ervan een vorm van stamelen over een mysterie dat eigenlijk niet onder woorden te brengen is. Goud vond de klassieke belijdenis over Christus gedateerde formules en de historiciteit van Jezus leven op aarde ondergeschikt aan diens betekenis voor gelovigen vandaag. ,,Als onbekende en naamloze komt Hij tot ons'', zei Goud, verwijzend naar een boek van Albert Schweitzer.
 


naar boven
naar overzicht 'Pers'


voor het laatst bijgewerkt: 07/04/2008