![]() |
|||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
Van totaalpakket naar keuzemenudoor onze redacteurReina Wiskerke24 december 2007 Veel vrijzinnigen zijn voorbij aan de vraag of God bestaat. Het gaat hen om zingeving, ontmoeting, geraakt worden en spreken daarbij desgewenst van God. Grote vraag: welke rol heeft de kerk nog? UTRECHT - Een sfeervolle Geertekerk, prettige jazzmuziek en een gast die inmiddels bekend is van radio en tv: dat waren vrijdagavond enkele ingrediënten voor een 'samenspraak over God die niet bestaat maar wel gebeurt'. V-Link, de landelijke vrijzinnige jeugd- en jongerenorganisatie, had het initiatief genomen; ouderen vormden de meerderheid van het publiek in Utrecht. Uiteraard was het thema afgeleid van het spraakmakende boek Geloven in een God die niet bestaat. De auteur, de protestantse predikant Klaas Hendrikse, hoefde zich niet te verantwoorden voor zijn visie op God, zoals afgelopen weken in vele interviews. Dat bleek in de Geertekerk nagenoeg een gepasseerd station voor panel en publiek. De drie jonge vrijzinnigen die hun reactie gaven op zijn boek, spraken vooral van herkenning. De gespreksleider van de avond, IKON-presentator Annemiek Schrijver, vroeg nog wel aan Hendrikse hoe iemand kan geloven 'in een God die niet bestaat'. Hendrikse legde daarop nog eens uit dat ,,de meeste mensen'' geloven in een God die ergens is, en dat hij dat heidendom noemt. Voor hem is 'God' een woord voor een menselijke ervaring, bijvoorbeeld als twee mensen met elkaar in gesprek zijn en ervaren dat zij elkaar beginnen te begrijpen. Of als je iets doet met journaalbeelden en ze doen iets met jou. ,,Dat kan ik God noemen.'' Niet interessant
Jongeren laten zich niet meer binden aan de kerk, signaleerde een vrijzinnige jongere. Hij vroeg Hendrikse hoe het jeugd- en jongerenwerk in diens gemeenten (in Middelburg en Zierikzee) vorm krijgt. Het krijgt geen vorm, want er zijn geen jongeren, zei Hendrikse, alleen enkele gezinnen met kleine kinderen. Instroom is er trouwens wel, vooral van vijftigplussers. Uit het gesprek bleek dat de kerk er volgens de aanwezigen zou moeten zijn als plek van ontmoeting voor zinzoekers, een plek waar je geraakt kunt worden door stilte, gesprek, preek, kunst of wat dan ook. Grote vraag was of het erg is als die plekken buiten de kerk gevonden worden en de rol van de kerk uitgespeeld zou zijn. ,,Ik zou wel graag bij een gemeenschap willen horen'', zei een jongere. ,,Maar ik zit niet te wachten op regeltjes. Misschien ben ik wel consumptief ingesteld.'' ,,God is buiten de kerk te vinden, alleen gebruiken de meesten het woord God niet meer'', zei een volgende. ,,Jongeren zijn sterk genoeg om het zelf uit te zoeken'', suggereerde een ander. Hendrikse stelde daartegenover dat de kerk hem lief is. De kerk heeft volgens hem potentieel om er als 'geestelijk eetcafé' te zijn voor mensen die meer vermoeden dan wat waarneembaar is. Daarvoor moeten vrijzinnigen wel het lef hebben het roer om te gooien, aldus Hendrikse. De vrijzinnigheid laat volgens hem veel te weinig van zich horen en ze vergrijst. Als er niets verandert blijft er niets van over en ,,zitten er over zo'n twintig jaar alleen nog maar orthodoxen in de kerk''. EO-jongerendag
Op de valreep zei een vrouw in de zaal dat ze wat had gemist die avond,
namelijk de notie van ,,God die groter is dan wij zijn, en die wij eer
geven''. ,,Is dat van de baan?'' Hendrikse: ,,Wat mij betreft wel. Je gaat
niet eren wat niet bestaat.''
|
|||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
| naar boven | |||||||||||||||||
| naar overzicht 'Pers' | |||||||||||||||||
|
voor het laatst bijgewerkt: 25/12/2007 |
|||||||||||||||||