Maart 2008

Interview Tom Mikkers

Op zaterdag 23 februari heeft een buitengewone algemene vergadering van bestuur (=synode) van de Remonstrantse Broederschap ds. A.A.I.M. Mikkers (Tom) benoemd tot algemeen secretaris van dit kleine, vrijzinnige kerkgenootschap. Reden voor ons oud-bestuurslid Tjaard Barnard om hem voor ons blad te interviewen. Wie is Tom Mikkers en wat hebben die remonstranten nog te zeggen in deze tijd?

Tom, wil je eens wat over jezelf zeggen. Waar kom je vandaan en hoe ben je in die kleine Broederschap terecht gekomen?
Tom MikkersIk ben geboren in 1969 in Boekel. Ik kom uit een klassiek rooms nest in een rooms dorp. Een beetje de Merijntje Gijzen sfeer. De kerk was voor ons vanzelfsprekend. Het was een inspirerende plek waar je gewoonweg kwam. Zelf ben ik ook misdienaar geweest. Dat hoorde erbij. Om 7.00 uur al naar de kerk! Mijn vader was ondernemer. Hij is een paar jaar geleden plotseling overleden. Hij was directeur van een groot vleeswarenbedrijf. Eigenlijk had hij gehoopt dat ik de zaak zou overnemen. Daarom ben ik in 1987 ook in Leiden rechten gaan studeren. Maar dat viel tegen. Ik had er eigenlijk niet zo’n zin in. Was meer geïnteresseerd in iets anders, bijvoorbeeld de studie van het Nieuw Grieks. Maar toen ik een tijdje in Leiden zat, zag ik dat daar een vrije studierichting godgeleerdheid was opgezet. Daar heb ik mij – aanvankelijk tot schrik van mijn ouders – voor aangemeld. Ik voelde me thuis. Nu ging het over vragen die ertoe deden. Uiteindelijk kwam ik ook terecht bij het Remonstrants Seminarium. Ik voelde me thuis bij de remonstranten. Een open manier van geloven. Ik heb tenslotte het doctoraal examen vrije studierichting, maar daarna ook dat van de klassieke richting godgeleerdheid gedaan en ook het proponentsexamen van de Broederschap gedaan.

Toch is iets van dat ondernemersbloed in je blijven zitten?
Ja, in mijn studententijd heb ik samen met een medestudente een bureautje opgericht dat rituelen voor buitenkerkelijken organiseerden. Zo verzorgden we trouwrituelen voor mensen die meer wilden dan het verhaaltje van de ambtenaar van de burgerlijke stand. Rijk zijn we er niet van geworden, maar het was toch een leuk zakcentje. Tegenwoordig zie je veel meer collega’s die iets dergelijks opgezet hebben. 

Na je studie ben je direct predikant geworden?
In de remonstrantse gemeente in Eindhoven ben ik in 1997 begonnen. Er was geld vrijgemaakt om naast de vaste predikant iemand halftime te benoemen die nieuwe initiatieven kon ontwikkelen. Ik heb daar veel geleerd en veel kunnen doen. Drie jaar later werd ik beroepen in Amsterdam. Daar heb ik vier jaar gestaan in Vrijburg, een samenwerkingsgemeente van vrijzinnige hervormden en remonstranten. Toen ik mijn partner ontmoette, wilde ik met hem gaan samenwonen. Zo ben ik in 2004 naar Den Haag vertrokken. De laatste jaren ben ik vooral vliegende keep geweest in de landelijke organisatie van de Remonstrantse Broederschap. Zo was ik o.a. coördinator van de landelijke, vrijzinnige beraadsdag in 2007. Verder heb ik interim gewerkt in een remonstrantse gemeente. Twee jaar geleden werd ik voor 25 % van de werktijd predikant in Delft.

De Remonstrantse Broederschap is een klein kerkgenootschap geworden, met circa 6000 leden. Wat is voor jou van belang in de remonstrantse traditie, dat behouden moet worden?
In het remonstrantse vertrek, in het zo gemêleerde christelijke huis, kan gezegd worden dat religieuze teksten die oproepen tot geweld of tot uitsluiting van groepen mensen moeten worden weggezet als een dode letter.
Remonstranten kunnen een vrijplaats vormen waar religiekritiek gezien wordt als reflectie waar je alleen maar beter van kunt worden. In de kerk moeten we als hoeders van de Bergrede samenkomen om elkaar eraan te herinneren dat de Eeuwige zich onvoorwaardelijk heeft verbonden aan zijn schepping. 

Wat is de taak van remonstranten binnen het geheel van Nederlandse kerken?
Het klinkt misschien wat aanmatigend, maar ik denk dat remonstranten een rol kunnen hebben in het laten zien dat het christendom meer is dan een conformistische en behoudende godsdienst. Dat zou wezensvreemd zijn aan de oorspronkelijke boodschap van Jezus van Nazareth die steeds weer de gevestigde orde uitdaagde en bevroeg op de mate waarin ze het radicale principe van God en de naaste dienen ook werkelijk naleefde. Het is remonstranten vaak gelukt om taboes in het godsdienstig en kerkelijk leven open te breken. Het is remonstranten een lief ding waard geweest om het christelijk geloof bespreekbaar te maken en dat te doen op dusdanige wijze dat de menselijke maat altijd in beeld bleef als voornaamste criterium om inhoud en vorm van het geloofsgesprek aan te toetsen.
Een voorbeeld is de ruimhartige wijze waarop de Remonstrantse Broederschap in 1988 de inzegening van niet-huwelijkse relaties mogelijk heeft gemaakt, waarbij die principieel gelijk gesteld werden aan het huwelijk. Dat is nog iets anders dan het onderscheid tussen de inzegening van het huwelijk en de ‘zegening van andere levensverbintenissen’. 

Wat wordt je eigen rol als algemeen secretaris?
De algemeen secretaris is bij ons de ambtelijk secretaris van de Commissie tot de Zaken, het landelijke hoofdbestuur van de Broederschap. Ik werk dus beleidsvoorbereidend en uitvoerend. De uiteindelijke verantwoordelijkheid ligt bij de gekozen bestuurders.
Zelf vind ik het belangrijk om te letten op de vraag hoe dingen bij elkaar blijven. Zo sprak ik direct na mijn benoeming over de vraag: waar spreken we af, als we elkaar kwijtraken. Binnen de Broederschap zijn er op dit moment veel zaken in beweging. Een paar jaar geleden is er een nieuwe belijdenis vastgesteld. Nu wordt er gediscussieerd over de vraag of de naam ‘Broederschap’ niet al te klassiek is. Maar belangrijker is de vraag op welke manier de Remonstranten ook in de toekomst kerk willen zijn. Daarover is er op 8 maart een grote beraadsdag. Alle remonstranten worden uitgenodigd om hierover mee te denken. Belangrijk vind ik het om zelf een verbindende rol te spelen. Wij moeten weten waar we afspreken, als we elkaar kwijtraken.

Hoe zie je de verhouding tot de andere kerken, in het bijzonder de Protestantse Kerk in Nederland?
In 1993 heeft de Remonstrantse Broederschap met een kleine meerderheid besloten om het waarnemerschap bij Samen-op-weg te beëindigen. De nieuw te vormen kerk had, voor het gevoel van veel remonstranten, niet de contouren die bij een moderne kerk zouden passen.
Ondermeer het vasthouden aan de Dordtse Leerregels was begrijpelijk een breekpunt. Toen is besloten dat de Broederschap zelfstandig verder zou gaan.
Veel energie is gestopt in een revitalisering van de Broederschap. En nog steeds denk ik dat er voor een kerk als de Broederschap een taak is weggelegd in de Nederlandse samenleving.
Maar tegelijkertijd blijven we natuurlijk verbonden met andere kerken. Aan de ene kant de vrijzinnige groeperingen als de Vrijzinnige Geloofsgemeenschap NPB, de Doopsgezinden en de Vrijzinnige Protestanten binnen de Protestantse Kerk in Nederland. Met het geheel van de PKN weten wij ons zeer verbonden. In de zestiger jaren zijn er gesprekken geweest tussen hervormden en remonstranten waarin bleek dat de leergeschillen uit 1619 niet meer volstrekt scheidend waren. Toen zijn ook afspraken gemaakt over wederzijdse ambtserkenning. Wat ons betreft, geldt dat nog steeds. 

Wat zullen anderen buiten de Remonstrantse Broederschap, bijvoorbeeld de predikanten van andere kerken die lid zijn van de Predikantenbond, van jou merken als landelijke functionaris van de Remonstranten? 
Ik hoop dat we als remonstranten in staat zullen blijven ons eigen geluid in kerk en cultuur te laten horen. We hebben ons vaak geprofileerd als kerk aan de rand: op de grens van christendom en cultuur. Dat wil niet zeggen dat we daarmee een tweede garnituur kerk zijn. Onze wijze van theologiseren lijkt in de verte misschien wel op de negatieve theologie van de oosters-orthodoxe kerken waarin het er niet om gaat om wat je gelooft tot in de kleinste details te benoemen. Mijn ervaring met remonstranten is dat achter een ontkennende en soms twijfelende wijze van spreken over God een diepe vroomheid schuilgaat die stoelt op een besef dat het Heilige zich niet in woorden – zelfs niet het Woord – laat vangen. Of ik in staat ben om deze positie helder over het voetlicht te brengen zal de komende jaren blijken. 

Tjaard Barnard

(Dr. T.R. Barnard is predikant te Rotterdam en voorzitter van het Convent van remonstrantse predikanten)
 


naar boven


voor het laatst bijgewerkt: 28/03/2008