| Homepage
Bundel Mijnke Webmaster |
![]() |
||||||||||||||||
Johan Blaauw (1949) was remonstrants predikant in Amsterdam van 1978-1999 en van 1999-2006 beleidsmedewerker van de Remonstrantse Broederschap en eindredacteur van het remonstrantse maandblad adRem. In 2006 om gezondheidsredenen vervroegd uitgetreden. |
|||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||
Passies |
|||||||||||||||||
| door Johan Blaauw | |||||||||||||||||
| Een passie is zoiets als hartstochtelijke
liefde. Voor iemand. Voor iets. Dichten of schilderen als passie. Je gaat
er voor, je kunt niet zonder. Je bent er dag en nacht mee bezig. Het slorpt
je op. Een passie kan je zo in zijn greep krijgen dat je nergens nog oog
voor hebt. Een passie krijgt dan dwangmatige trekken. Er zijn mensen die
lijden aan hun passie. Passie als obsessie. Maar dat hoeft natuurlijk niet.
In het Nederlands heeft passie ook nog een andere, religieuze betekenis. Het woord wordt gebruikt om het lijden van Christus mee aan te duiden. Een passie is een verhaal, een toneelstuk, een muziekstuk of beeldend kunstwerk dat het lijden van Jezus Christus als uitgangspunt heeft. Zoals de passiespelen van Tegelen of Oberammergau die in de week voor Pasen worden opgevoerd of, modernere variant, de musical Jesus Christ Superstar. Tegen het eind van de roman De wandelaar (2007)
van Adriaan van Dis zegt de hoofdpersoon: "Ik geloof in mensen die zich
met schoonheid omringen. In mensen die dingen maken. Dingen om de dingen.
Met hun handen. Met hun hoofd. En met passie".
Zoiets hebben christenen van alle tijden ook in Jezus van Nazareth herkend. Toegewijd. Hartstochtelijk toegewijd. Niet fanatiek. Wonderlijk creatief in het doorbreken van die eeuwige vicieuze cirkel van vergelden van kwaad met kwaad, geweld met geweld, onrecht met onrecht. "Helpman, reisgenoot en broeder van de allerminste mensen die ... mensen aantrok en bezielde, hen verzoende met elkaar" dichtte Huub Oosterhuis in Hoe ver is de nacht (1974). Mooie omschrijving van de figuur van Jezus die het verlangen van mensen mobiliseerde naar erkenning, naar liefde, naar vriendschap, naar een humanere wereld. Tussen Kerstmis en Pasen ligt in de meeste leesroosters die in de liturgieën van christelijke kerken gevolgd worden de nadruk op de verhalen over het leven van Jezus van Nazareth. Hoe hij rondtrok van Galilea naar Jeruzalem, mensen bezielde, nieuwe moed gaf. Nieuwe moed voor wie aan het leven dreigden te bezwijken. Want er komt wat af op een mens in zijn of haar leven. Jezus van Nazareth als gepassioneerd mens. Iemand met passie. Passie voor mensen. Aan ons die nu leven de vraag deze passie voor mensen eigentijds vorm te geven. Christelijke antwoorden bestaan niet, ook al zijn er die dat keer op keer suggereren. Wat wel bestaat: antwoorden van christenen. Er is nu eenmaal geen instantie die antwoorden als christelijk kan sanctioneren. Daarom behoren alle antwoorden van christenen iets voorlopigs te hebben. In plaats van christelijke antwoorden dus antwoorden van christenen. Antwoorden die alleen gevonden kunnen worden door er met elkaar over te praten. Voors en tegens tegen elkaar afwegend. Moreel beraad. Een wat ouderwetse term, maar misschien zo gek nog niet. Moreel beraad als passie om samen - hartstochtelijk, maar niet fanatiek - geduldig te werken aan die menselijke verhoudingen waar de reisgenoot uit Nazareth glimpen van voorleefde. (Bovenstaande bijdrage verscheen
ook in Vrijburg, maandblad van Vrijzinig
Centrum Vrijburg in Amsterdam, van maart 2007)
|
|||||||||||||||||
| naar boven | |||||||||||||||||
|
voor het laatst bijgewerkt: 26/03/2007 |
|||||||||||||||||