Kerkgebouw en orgel

In het jaar 1649 werd de eerste Remonstrantse Kerk in Nieuwkoop gebouwd. Deze kerk, groter dan de tegenwoordige kerk, was gebouwd als een z.g. "schuilkerk" omdat de Remonstrantse Kerk in die tijd verboden was. Daarvoor, vanaf 1619, werden kerkdiensten gehouden in een schuur in Aarlanderveen en in een huis bij de Teuntjesbrug.

Teuntjesbrug
De kerk en de pastorie (=kerkenhuis) waren aan elkaar gebouwd. De consistoriekamer (=kerkekamer) was de pastorie. Tussen de tegenwoordige "Kosterij" en de vroegere pastorie stond een huis, vermoedelijk het huis van de koster. De pastorie had een rieten dak en stond aan de straat. In 1906 werd deze pastorie afgebroken en verder van de straat af gebouwd, thans Dorpsstraat 129. De kerk had een pannendak en een torentje met klok.


In 1821 begon men met de bouw van de nieuwe kerk omdat er tekenen van verval waren. Op 1 april 1822 werd de eerste steen gelegd door de zoon van de dominee. De dochter hield een plechtige rede. Toen de kerk in datzelfde jaar in gebruik werd genomen kregen de armen een halve fles wijn. Het huis van de koster werd bij de bouw van de nieuwe kerk afgebroken. In 1862 werd de consistoriekamer gebouwd onder de galerij. Ook de huidige kosterij is afgebroken en herbouwd.

Kosterij
Deze tekening is gemaakt door W.J. Dingemans, geb. 1873, overl. 1925, oud rijksontvanger te Nieuwkoop van 1903 - 1911. In 1922 werd electriciteit aangelegd en in 1951 vond een grondige restauratie plaats. In de kerk zijn de namen van alle predikanten op twee borden vermeld:

Orgel
Het orgel is een zeer oud authentiek orgel. Bouwjaar 1786. Gebouwd door Andries Wolfferts (1751 - 1820) die ook het orgel in de St. Laurenskerk te Rotterdam en in de St. Maartenskerk in Zaltbommel heeft gebouwd. Voor f150,- kochten de Nieuwkopers in 1866 dit orgel van de Remonstrantse Gemeente in Bleiswijk. Voor deze aankoop was er in de kerk een voorzanger. Nog tot 1879 heeft deze voorzanger zijn taak samen met het orgel vervuld. De klanken die uit de orgelpijpen komen onstaan door lucht uit de blaasbalg, in het begin gebeurde het vullen van deze blaasbalg door een orgeltrapper. Omstreeks 1945 is hiervoor in de plaats een windmotor aangebracht waardoor f5,- per jaar kon worden bespaard (t.w. kosten orgeltrapper). Niet veel, maar ook de eerste organist ontving slechts f25,- per jaar.
In 1997 is het orgel door de firma Flentrop Orgelbouw volledig gerestaureerd. Het orgel bestaat uit verschillende onderdelen zoals het front, de kas, het klavier en de registers. In de bovenkas zitten de windlade en het pijpwerk. Dit orgel heft in totaal 378 orgelpijpen. De meeste orgelpijpen hebben een legering van lood en tin en enkele pijpen zijn van hout. In de onderkas zit de windvoorziening (een balg) en achter het orgel in een dempkist zit de motor die zorgt voor de luchtaandrijving. De fraai vergulde delen op de frontpijpen heten de labia. Ook het vergulde snijwerk is nieuw en in passende stijl aangebracht.

Orgel
Op 22 maart 1998 was de de officiele ingebruikname van dit gerestaureerde orgel.