agenda
webmaster

Tjaard Barnard
Van ‘verstoten kind’ tot belijdende kerk.
De Remonstrantse Broederschap tussen 1850 en 1940

 
ISBN 90 6707 6074
Prijs: € 25,00 voor leden van de Remonstrantse Broederschap (incl. verzendkosten);
€ 29,00 in de boekhandel 
512 pagina's 

Besteladres:
Uitgeverij De Bataafsche Leeuw, Amsterdam

 
De Remonstrantse Broederschap tussen 1850 en 1940
De Remonstrantse Broederschap staat bekend als een moderne en vrijzinnige kerk, ontstaan in de strijd tussen rekkelijken en preciezen aan het begin van de zeventiende eeuw. In dit boek wordt de geschiedenis beschreven van dit kleine kerkgenootschap tussen 1850 en 1940. Juist in deze periode heeft de Remonstrantse Broederschap zich ontwikkeld tot wat zij nu is, maar wat zij zeker niet altijd was: modern, vrijzinnig en kritisch ten opzichte van bijbel, dogma’s en kerkelijke vormen.

 
Recensie
In adRem van juni 2006 stond over dit boek de volgende recensie van de hand van Jaap R. Bruijn.
De Remonstrantse Broederschap in jaren van grote veranderingen (1850-1940). Tjaard Barnard schreef hierover een informatief proefschrift, dat ook voor niet theologen zeer leesbaar is.

Van ‘verstoten kind’ tot belijdende kerk

Wat een interessant en kloek boek heeft de Rotterdamse remonstrantse predikant, Tjaard Barnard, geschreven. Het is zijn proefschrift, dat hij op 24 mei 2006 aan de Leidse universiteit heeft verdedigd. Zijn promotores waren de hoogleraren Th.M. van Leeuwen en E.H. Cossee.
Achter de titel Van ‘verstoten kind’ tot belijdende kerk. De Remonstrantse Broederschap tussen 1850 en 1940 gaat het verhaal schuil over de ontwikkelingsgang van de Remonstrantse Broederschap (RB) in de aangegeven periode. Voelde de RB zich omstreeks 1850 nog een verstoten kind dat verwachtte na herstel van de oude grieven van 1619 weldra in de moederkerk terug te keren, nog geen halve eeuw later was zij van 2650 naar 12.000 leden gegroeid en was van terugkeer absoluut geen sprake meer. Zij straalde als een geheel vernieuwde broederschap kracht en zelfvertrouwen uit. Vier decennia later was dat met een ledental van bijna 20.000 nog sterker het geval.

Tjaard BarnardVrijzinnige vereniging
Wat was gebeurd? Anno 1850 week de geloofsleer niet veel af van de middenorthodoxie in de Hervormde Kerk (HK). Spoedig daarna schoof die leer onder invloed van het Modernisme naar vrijzinnigheid op. De RB bracht haar beginsel van vrijheid en verdraagzaamheid duidelijker naar buiten en ging opvang bieden aan hen die door hun niet dogmatische opvattingen en hun loslaten van de binding aan belijdenis en schriftgezag in de HK geen plaats meer vonden, omdat deze voor de orthodoxie had gekozen. Met groepen van honderden tegelijk stapten zij met hun predikant naar de RB over en vormden nieuwe gemeenten. Omstreeks 1880 gebeurde dit bijvoorbeeld in Arnhem, Groningen en Lochem. De stap naar vrijzinnigheid had de RB zelf reeds in 1872 gezet, toen het Seminarium, de opleidingsplaats voor predikanten, van Amsterdam naar de ‘moderne’ Leidse theologische faculteit was verplaatst. De mens kwam meer centraal te staan dan de bijbel; doop en avondmaal werden niet meer nodig geacht. Het was in Nederland het tijdvak waarin ook de zogenoemde vrije gemeenten en de NPB ontstonden. De RB werd nu een vereniging, geen kerk; het woord kerkenraad werd vervangen door bestuur. Verschillende nieuwe kerken werden gebouwd, die vooral dienden voor bijeenkomsten, veel minder voor wijding. Deze kerken waren hard nodig. De bestaande Haagse kerk kon de stroom van kerkgangers omstreeks 1890 niet aan. Geregeld moesten mensen naar huis gestuurd worden, omdat de kerk vol was.

Kerkgenootschap
Spoedig na de eeuwwisseling komt een proces op gang waarin de RB zich van een ‘moderne’ tot een belijdende kerk ontwikkelt, een proces dat in 1940 voltooid is. Instroom van vrijzinnigen vanuit de HK was tot stilstand gekomen, nadat zij zich binnen hun eigen kerk in 1913 hadden georganiseerd in de Vereniging van Vrijzinnige Hervormden. De grote mannen in de RB zijn in deze periode vooral G.J. Heering en L.J. van Holk. Eerstgenoemde drukte als Seminariumhoogleraar (een fraai verhaal gaat aan zijn benoeming vooraf) van 1917 af zijn ‘rechtsmoderne’ stempel op het geloofsleven in de RB. Voor hem is de kerk de plaats waar het geloof vorm krijgt. Via het door hem ingestelde Convent vinden zijn gedachten ingang onder de predikanten. Van Holk haalt de gemeenschapszin boven het individualisme naar voren. De aandacht voor de liturgie keert terug en deze krijgt de later zo vertrouwd geworden vorm. Heering vindt dat een preek ongeveer 30-45 minuten mag duren! Een nieuwe beginselverklaring in 1928 en een belijdenis in 1940 bekronen deze periode. Doop en avondmaal, het woord kerkenraad, zij komen alle terug. Zelfbewust biedt de RB zich als vrijzinnig ‘kerk’genootschap aan. In brochures wordt aan dit zelfvertrouwen uiting en uitleg gegeven. Sociale vraagstukken komen nu ook aan bod. Heerings toespraak in 1921 over De kerk als maatschappelijk geweten had hiertoe de stoot gegeven. Van 1915 af wordt de vrouw tot de studie aan het Seminarium toegelaten, maar haar volwaardige aanvaarding in het ambt duurt nog vrij lang.

Zelfbeeld als rode draad
Deze en andere aspecten van de RB (de VPRO, VCSB, het ontstaan van de gemeente Naarden/Bussum, diverse theologische discussies bijvoorbeeld) komen uitgebreid aan de orde in dit lezenswaardige boek. Het heeft het zelfbeeld van de RB als rode draad. Genoemd wordt dat W.R.M. Noordhoff in 1934 de samenstelling van de RB heeft geanalyseerd. Hij noemt de leeftijdsopbouw niet meer optimaal; de remonstranten zijn gemiddeld ouder dan een doorsnee uit de samenleving. Zij wonen veelal in stedelijke gebieden en dan meestal in de ‘betere’ wijken. Zij werken meer dan gemiddeld in leidinggevende beroepen. In vergelijking met andere kerken is het vrouwelijk aandeel groot.
Het boek doet dus actueel aan, zeker ook als er sprake is van het voortbestaan van (te) kleine gemeenten, te kleine of te laag betaalde aanstellingen van predikanten, de hoogte van het quotum of de hulp van grotere/ rijkere gemeenten aan kleine, minder bedeelde gemeenten. Een register van persoonsnamen en een uitvoerige inhoudsopgave maken het boek heel toegankelijk.

Jaap R. Bruijn,
emeritus hoogleraar en lid van het landelijk bestuur van de Remonstrantse Broederschap


 
Zie ook:

Prettig leesbaar boek over de Remonstrantse Broederschap, recensie, Nederlands Dagblad 16 juni 2006

Een verstoten kind, een vrijzinnige kerk, interview met Tjaard Barnard over zijn proefschrift, Reformatorisch Dagblad 1 juni 2006
 

naar boven


voor het laatst bijgewerkt: 13/03/2007