Verlichte Verzen en kolommen
Vitale Vrijzinnigheid
terug naar publicaties

webmaster












een gezamenlijke uitgave van de Remonstrantse Broederschap en de Vrijzinnige Geloofsgemeenschap NPB
Prijs: EUR 6,75








Vitale Vrijzinnigheid werd door de predikanten Bert Dicou en Jan Klijnsma geschreven naar aanleiding van hun studieverlof. Het is een inventarisatie van de nieuwe wegen die vrijzinnige gemeentes en afdelingen in den lande bewandelen om hun gemeente intern te versterken en hun uitstraling naar buiten te verbeteren. Dit alles om hun geloofsgemeenschap aantrekkelijker te maken voor zowel de eigen leden als geïnteresseerden van buiten. Op heel wat plaatsen is men daarmee bezig. De schrijvers beperkten zich tot een representatieve keus van vijftien remonstrantse gemeentes en NPB-afdelingen. Zij stuurden hen een enquête en bij een aantal gingen zij op bezoek.

Daarnaast keken de auteurs naar de vakliteratuur. Hun speciale aandacht had het concept van Jan Hendriks: gemeente als herberg of de gastvrije gemeente. Hendriks doelt daarmee op een geloofsgemeenschap waar ruimte is voor verschillende vormen van betrokkenheid: intens, los, langdurig, kortdurend, en waar behalve 'de zaak', vooral ook 'de mens' (de 'gast') centraal staat. Typisch iets voor vrijzinnigen!
Dicou en Klijnsma hopen dat gemeentes en afdelingen die bezig zijn met het (re-)vitaliseren van hun geloofsgemeenschap, hun boekje kunnen gebruiken om te bekijken hoe ze het op andere plaatsen aanpakken om daarvan te leren. En dat gemeentes en afdelingen die wel iets zouden willen ondernemen in deze richting, maar niet precies weten hoe, op gedachten gebracht worden. De vijftien gemeentes en afdelingen uit het onderzoek hebben allemaal beleidsmatig nagedacht over de vraag op welke manier ze wat kunnen betekenen voor mogelijke geïnteresseerden van buiten de eigen kring. Ze hoopten en hopen andersom dat sommigen uit die groep op den duur hun geloofsgemeenschap willen komen versterken.
Kansen vrijzinnigheid
In het boek wordt duidelijk dat er bij de concrete invulling van zulk beleid allerlei wegen bewandeld kunnen worden. Natuurlijk wordt de keus beperkt doordat de lokale en regionale omstandigheden verschillen. Wat in Den Haag goed blijkt te werken, zou in Elburg op een grote mislukking uit kunnen lopen, en wat in Twente met geen mogelijkheid wil lukken, zou in Eindhoven juist heel goed aan kunnen slaan. Den Haag is nu eenmaal een ander soort plaats dan Elburg en misschien zit de gemeente in Twente wel heel anders in elkaar dan die in Eindhoven. Maar desondanks kunnen de meeste gemeentes en afdelingen kiezen tussen verschillende strategieën. Concentratie op een programma voor een breed publiek met lezingen, cursussen, meditaties enz., concentratie op de kwaliteit van de zondagochtenden al dan niet met alternatieven voor de kerkdienst, concentratie op een aanbod voor kinderen, of een poging een vorm van jeugdwerk van de grond te tillen, het zijn allemaal mogelijke strategieën. Grote gemeentes met geld kunnen meer doen dan gemeentes zonder geld, maar ook 'arme' afdelingen en gemeentes blijken soms verrassend goed in staat met vernieuwend beleid en inzet van enthousiaste vrijwilligers hun geloofsgemeenschap nieuw leven in te blazen.
Daarnaast beschrijven Dicou en Klijnsma de obstakels waar juist vrijzinnige geloofsgemeenschappen mee te maken hebben (onzichtbaarheid, imago, leeftijdsopbouw) en de specifieke kansen van de vrijzinnigheid. Het boek maakt duidelijk dat er heel veel mogelijk is. Het beschrijft waar je uit kunt kiezen als gemeente, en waar je tegenaan loopt als je je keuze wilt realiseren. Zo gaat het bijvoorbeeld over het benaderen en inschakelen van nieuwe belangstellenden. Het is niet bijzonder moeilijk belangstelling te wekken voor een inhoudelijk goed aanbod, maar hoe houd je met al die 'gasten' je geloofsgemeenschap draaiende? 'Instroombeleid' en het betrekken van buitenstaanders bij de organisatie hebben op verschillende plekken al de beleidsmatige aandacht.  Beide auteurs raakten zelf zeer geïnspireerd door al die goede initiatieven in het land. Op heel wat plaatsen is de 'vrijzinnigheid' behoorlijk 'vitaal'. Dicou en Klijnsma hopen dat hun enthousiasme u vervolgens weer inspireert.











Bestellen?


















naar boven









voor het laatst bijgewerkt: 27/12/2001